BLOG: Creatief Wonen, ofwel: Eureka!

In deze blog doet Nanette Evenhuis verslag van het vernieuwende en experimentele woonproject Eureka! Eureka! wil door een multi-generationele woonvorm het samenleven en zorgen gemakkelijker maken. Eureka!- leden hebben zelf de huizen laten bouwen, en denken na over de spelregels in de aanloop van de verhuizing. Welke problemen moeten ze oplossen? En hoe ontwikkelen ze een creatieve visie op wonen?

U leest het in dit blog!

(verschijnt regelmatig onregelmatig)

 

Amsterdam 16-12-2025

Wat er aan vooraf ging…

In 2019 werd het me te druk in de Zeeheldenbuurt. De wijk zit tegen het Centrum aangeplakt, maar valt officieel nog onder Westerpark. Met de opening van de Spaarndammertunnel nam het verkeer fors toe en de Houthaven werd in hoog tempo volgebouwd. Daarvóór voelde het alsof ik aan de rand van de stad woonde: aan het IJ en bij de Houthaven kon je dwalen, ruimte ervaren. Dat kan nu nog steeds, maar dan vooral tussen de huizen.

Ik verhuisde naar Geuzenveld, richting Halfweg. Opnieuw de rand van de stad, omzoomd door groen, met de Sloterplas dichtbij. Op papier ideaal. In de praktijk bleek het complexer.

Allereerst de zorg voor lijf en leden: alle goede huisartsenpraktijken zaten vol. Het duurde bijna een jaar voordat ik een praktijk vond in Slotermeer waar ik me serieus genomen voelde en goede zorg kreeg. Daarnaast merkte ik hoe kwetsbaar sociale structuren kunnen zijn. Ik kwam terecht in een rijtje woningen waar de eerste bewoners hun hele leven hadden gewoond. Ze hadden er hun kinderen zien opgroeien en waren intens betrokken geweest bij hun kleinkinderen en achterkleinkinderen. Ik voelde me welkom en opgenomen, maar begin 2024 overleden drie van hen kort na elkaar. De nieuwe bewoners bleken vooral op zichzelf gericht. Het informele contact verdween.

Langzaam werd duidelijk dat ik in deze wijk sociaal gezien uit de toon viel: een alleenstaande, werkende vrouw met een brede interesse in groen, klimaat en kunst. Voor lezingen, concerten en theater ga ik naar het Centrum, maar dat zijn geen activiteiten die je hier gemakkelijk samen onderneemt. Met mijn oude buren doe ik dat nog wel, en dat benadrukt juist wat er ontbreekt op de plek waar ik nu woon. Het is sociaal een beetje al te rustig.

Mijn werk speelt daarin een belangrijke rol. Ik bezoek mensen thuis die ongeneeslijk ziek zijn. Ik kijk mee naar hun situatie, geef advies of verwijs door, altijd met het doel om de kwaliteit van het leven dat hen nog rest te ondersteunen – als zij dat willen. Wat steeds terugkomt is hoe essentieel een netwerk is van buren, vrienden en familie. In een stad als Amsterdam leven veel mensen alleen en leiden ze een relatief onzichtbaar bestaan. Dat kan prima werken, totdat hun gezondheid achteruitgaat en hun afhankelijkheid toeneemt.

Ik ben zelf 61 en opeens kwam het dichtbij. Wat als ik onverwacht een operatie zou krijgen en een tijd niet goed kan lopen, fietsen of autorijden? Mijn buren zou ik niet snel vragen om boodschappen te doen of me ergens naartoe te brengen. Mijn dochter woont in Antwerpen, mijn broers en zussen zijn ouder dan ik en wonen niet in de buurt. In zo’n situatie zou ik er feitelijk alleen voor staan.

Tijdens een wandeling, ergens in Nederland, raakte ik in gesprek met verschillende ouderen die in een woongemeenschap wonen waar dit soort kwesties collectief zijn georganiseerd. Ik sprak daar Ineke, die me aanraadde contact te zoeken met een groep mensen die toen al twaalf jaar bezig waren met het realiseren van honderd woningen in Bos en Lommer Noord, in de Kolenkitbuurt. Ze waren al vergevorderd in het proces. Wat me direct aansprak, was dat de woningen niet exclusief voor ouderen bedoeld waren, maar voor alle generaties. En dat het ging om een wooncoöperatie die zelf bouwt en vervolgens aan zichzelf verhuurt.

Ik heb me meteen opgegeven voor de eerstvolgende informatieavond van Eureka!

Ik kon me opgeven voor een van de eerstvolgende informatieavonden. Alleen dat voelde al spannend.

16-02-2026

Ik kon me opgeven voor een van de eerstvolgende informatieavonden. Alleen dat voelde al spannend. Wat zeg je over jezelf als je misschien samen wilt wonen met mensen die je nog niet kent? Uiteindelijk schreef ik:

“Dag, ik ben geïnteresseerd in Eureka.
Ik ben 58 jaar, alleenstaand en werk fulltime als gespecialiseerd wijkverpleegkundige palliatieve zorg en oncologie.
Ik heb een kat, Pukkie, maar ik weet niet of die in 2025 nog leeft.

Jullie plannen zien er prachtig uit en spreken me erg aan. Hartelijke groet.”

Eerlijk. Misschien wat direct. Maar zo is het nu eenmaal.

Al snel kreeg ik een uitnodiging met informatie over de procedure, het lidmaatschap, de kosten en het bewonersprofiel. Ze zochten mensen voor een coöperatie van ongeveer 130 bewoners, met een diverse samenstelling. Wonen in een coöperatie betekent betrokken zijn bij je woonomgeving en bij de buurt. Samen verantwoordelijkheid nemen.

Dat sprak me aan.

Naast station Burgemeester de Vlugtlaan staat nu nog De Kit, een tijdelijk Huis van de Wijk. Als Eureka er straks staat, komt het Huis van de Wijk in ons pand. De gemeente Amsterdam gaat bij ons huren voor het Huis van de Wijk en een jongerencentrum.

 

Dat idee — wonen in een gebouw dat openstaat voor de buurt — voelde super betekenisvol.

 

Tijdens de informatieavond waren zo’n vijftig belangstellenden aanwezig. Met koffie in de hand luisterden we naar de presentatie van Han de Jong, de bedenker van Eureka. Het plan is geen droom meer; het is in ontwikkeling.

 

Het gebouw komt langs de metro tussen station Sloterdijk en station De Vlugtlaan. Een deel hoogbouw van twaalf etages, een deel laagbouw van zes. Een blauwgroen dak, verticale begroeiing, vogel- en vleermuiskasten, een regenwatersysteem.

 

Een grote entree met ruimte voor exposities, muziek en theater. Aan het water een vlonder waar je je kano kunt aanleggen of je schaatsen aantrekt als het vriest. En de “sociale plint”: gezamenlijke ruimtes voor een buurtkeuken, werkplaats, atelier of praktijkruimte. Over de invulling wordt nog nagedacht, maar die keuken komt er sowieso.

 

Ik merkte dat ik daar blij van werd. Niet alleen wonen, maar samen leven.

 

De woningen zijn klein en vallen in de middenhuur of vrije sector. Niet goedkoop. Toekomstige bewoners brengen samen twee miljoen euro in, ongeveer 20.000 euro per woning, via obligaties die later met rente worden terugbetaald. De lening is inmiddels rond bij de Rabobank, zelf ook een coöperatie.

 

Het maakte indruk op me dat gewone burgers zo’n groot project van de grond krijgen. Tegelijk voelde ik: dit vraagt iets van je. Dit is niet vrijblijvend.

 

En toch — of misschien juist daarom — bleef mijn enthousiasme groeien.

 

Ik (was toen) 58. Ik hoop zo lang mogelijk gezond te blijven en niet afhankelijk te worden van zorg. In mijn werk zie ik dagelijks hoe kwetsbaar dat kan zijn. De zorg wordt schraler en duurder. We zullen meer zelf moeten organiseren.

 

Een partnerrelatie zit er waarschijnlijk niet meer in; ik ben sinds 2003 alleen. Juist daarom voelt een wooncoöperatie als een mooie oplossing. Samen zijn, maar elkaars privacy respecteren. Elkaar kennen. Samen nadenken over oplossingen, voor elkaar en voor de buurt.

 

Er zijn al prachtige voorbeelden, zoals De Zorgvrijstaat in Rotterdam en Austerlitz Zorgt. Daar is de saamhorigheid groot, wordt zelfs bespaard op zorgkosten en zijn creatieve oplossingen gevonden voor lange wachtlijsten in de GGZ. Zulke initiatieven laten zien dat het kan.

 

Wat mij misschien nog wel het meest raakt, is dit: het mogelijk maken van dromen.
Niet wachten tot iets geregeld wordt, maar het samen realiseren.

 

Na de informatieavond vulde ik het aanmeldformulier in en werd ik uitgenodigd voor een klikgesprek. Op de vraag wat ik zou willen bijdragen, schreef ik onder andere dat ik mijn ervaring in de gezondheidszorg kan inzetten, kan meedenken over leeftijdsbestendig wonen, en graag iets wil organiseren rond kunst, muziek en natuur.

 

Toen ik dat opschreef, besefte ik: dit gaat niet alleen over een woning.
Dit gaat over hoe ik mijn volgende levensfase vorm wil geven.

 

Daarover binnenkort meer.